De Vlaamse Opera is de enige Vlaamse opera-instelling. Het gezelschap bespeelt operagebouwen in Antwerpen en Gent, en beschikt over een eigen koor en orkest.
Het huis ziet opera als een totaalkunst, een artistieke discipline waarin visuele en auditieve componenten evenwaardig zijn. Het programma is samengesteld uit enerzijds bekend repertoire dat op een hedendaagse manier wordt gebracht, en anderzijds uit onbekende werken. Zo wil men aan een publiek van vandaag de veelheid aan uitdrukkingsvormen tonen, van het muziektheater van de zeventiende eeuw tot de allernieuwste werken.
De Vlaamse Opera wil zich hoeden voor platgetreden paden, en doet dit door wereldcreatie-opdrachten te geven, jongerenproducties te maken, onbekend repertoire uit de barok aan te snijden of te werken met internationaal gereputeerde Vlaamse regisseurs (zoals Jan Fabre, Guy Joosten, Ivo Van Hove…). Naast een operaprogrammering, voorziet de Vlaamse Opera in een programma met symfonische concerten (met sterk vocaal accent) en lunchconcerten. In de schoot van de Vlaamse Opera is in 2000 de Operastudio ontstaan, een posthogeschoolvorming voor jonge zangers.
Van 1989 tot juni 2008 was Marc Clémeur intendant van de Vlaamse Opera. Bij de start van het seizoen 2008-2009 nam de jonge Zwitser Aviel Cahn de fakkel over.