Deepblue werd in 2002 opgericht door Yukiko Shinozaki, Heine Røsdal Avdal en Christoph De Boeck. Het is een onafhankelijke en kleinschalige productiestructuur voor performance, dans, muziek en installatiewerk, met Brussel als uitvalsbasis.
De naam deepblue verwijst naar een immense microkosmos, evengoed als naar de supercomputer die een schaakgrootmeester versloeg in een intellectueel spel. Ruimtelijkheid, menselijke en machinale informatieverwerking en replicatie zijn weerkerende thema's.
De leden van deepblue willen de vele gedaanten van performativiteit onderzoeken, niet alleen in dans- of theatervormen, maar ook in beeldende en muzikale disciplines.
Het bewegingsonderzoek, dat naargelang van de inzet uitmondt in avondvullende voorstellingen, work in progress of installaties, toert nationaal en internationaal. Daartoe worden meestal coproducties aangegaan.
De drie kernleden Heine R Avdal, Yukiko Shinozaki en Christoph De Boeck werken samen met artistieke partners als Christelle Fillod, Eavesdropper, Patricia Portela, Un Yamada ...
Christoph De Boeck studeerde literatuur en werkte als theateronderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. Hij was betrokken bij literaire tijdschriften en kleinschalige muziek- en performanceprojecten, o.a. op De Nachten en Theaterwerkplaats Dommelhof. Samen met Heine R. Avdal en Yukiko Shinozaki creëerde hij terminal (2001/2002) en closer (2002/2003). Daarna begon hij aan een reeks klankperformances met Yves De Mey waaronder time code matter I (2005) en time code matter II (2007). Tussendoor werkte hij samen met Eric Joris/CREW en Patricia Portela. Occasioneel publiceert hij minimale electronische muziek onder de naam Audiostore. In 2008 maakte hij samen met de andere kernleden van deepblue you are here.
Yukiko Shinozaki studeerde moderne dans in Portland State University in Oregon, waar ze ook een Bachelor haalde in psychologie. In 1992 verhuisde ze naar New York waar ze haar eigen choreografieën presenteerde in onder meer Dixon Place, Judson Church en Cunningham Dance Studio. In 1997 kwam ze naar België om te werken met Meg Stuart/ Damaged Goods. Shinozaki en Heine R. Avdal creëerden in 2000 een duet, Cast off skin. Een samenwerking die samen met Christoph De Boeck werd verdergezet met terminal (2001/2002) en closer (2002/2003). In 2004 werkte Shinozaki samen met Christelle Fillod aan de solo Breaking through the roof of its house en later aan de groepschoreografie Inner Horizon. In 2007 creëerde ze samen met Un Yamada het duet hibi. Ze maakte ook samen met de twee andere deepblue kernleden you are here.
Heine Røsdal Avdal heeft een opleiding genoten aan de Noorse Statens Balletthøgskole en aan P.A.R.T.S. In Noorwegen heeft hij gewerkt als danser in producties van Imago Dance Theatre, Oslo Danseensemble, Menn Danser, Zero Visibility, Wee en voor de Noorse televisie. Tijdens zijn studies aan P.A.R.T.S. en ook daarna heeft hij solo's en duetten gechoreografeerd. In 1997 vervoegde hij Meg Stuart/Damaged Goods. In 2000 creëerde Avdal samen met Yukiko Shinozaki Cast off skin. Hij werkte later samen met Yukiko Shinozaki en Christoph De Boeck voor terminal (2001/2002) en closer (2002/2003). Na een internationale toer van de installatie Box with holes presenteerde hij de solo Some notes are en een grootschalige versie van de Box with holes installatie met drop a line. In 2008 maakten de drie kernleden van deepblue you are here.
Closer (2003) loodst de toeschouwer binnen in een intieme ruimte. Doordat de positionering van de toeschouwer het gebeuren telkens weer verandert, worden kijkstrategieën ontmanteld. Via koptelefoons ontvouwt er zich een klanktapijt in het hoofd van elke deelnemer. Deze productie is ontstaan door aansluiting te zoeken bij de microkosmos van ons diepste zelf: het genetische lichaam. In de ruimte van closer ontwikkelen de lichamen van de dansers zich als experimentele levensvormen in een lab.
Some notes are (2006) onderzoekt wat er sitespecifiek is aan het theater zelf. Alle componenten van het theater worden speels herschikt: de toeschouwers komen binnen op de scène, de publiekszitjes komen ‘tot leven' met beweging, stem en animatie en zodra de toeschouwers neerzitten worden ze alweer naar de bar gestuurd voor een ‘gedwongen' pauze; zelfs het einde van de voorstelling is verschoven naar het midden. Er ontspint zich een netwerk van relaties tussen de elementen die het theater definiëren: ruimte, performer, publiek en objecten.
Hibi (2007) is een choreografie die reflecteert over haar eigen ontstaansgeschiedenis. Het gaat om de ontmoeting tussen twee dansers die elkaar hebben leren kennen langs internet terwijl ze in twee verschillende continenten verblijven. Eens in dezelfde ruimte geplaatst reageren hun lichamen op de veranderde situatie: ze verkennen de ruimte die hen scheidt, maken zich verschillen eigen en balanceren op de spanning die er tussen hen ontstaat. In die context refereert het Japanse woord ‘hibi' naar een toestand waar iets in twee is gebroken maar het toch nog bestaat uit één geheel, zoals bij een barst in een theekop.
You are here (2008) stelt de theaterruimte voor als een archief van mogelijkheden. Het theater is een lege zwarte doos die 's avonds voor het publiek gevuld wordt met de meest uiteenlopende aanwezigheden. Met tientallen papieren en reeksen van oude archiefdozen verbeelden performers Heine Avdal en Mette Edvardsen de werking van de theatermachine, terwijl in de handen van de toeschouwers objecten tot leven komen door middel van audio en electronica. You are here verwijst naar je fysieke aanwezigheid in het theater, maar ook naar werelden die zich ontvouwen zodra je een archief consulteert.
Deze tekst dateert van 2008. Geen nieuwe informatie ontvangen.